Het onverwachte plezier van geen smartphone.

Foto door Gabriela Palai op Pexels.com

Sinds juli heb ik een simpele Nokia om mee te bellen. Behalve dat en me wakker maken met een trommelvliesverscheurend gepiep kan hij niet zo veel en dat was precies de bedoeling.

In het begin gebruikte ik mijn smartphone nog wel om berichtjes te sturen en youtube te kijken, bijvoorbeeld maar een tijdje geleden heb ik hem gereset en sindsdien ben ik hem kwijt. Dat is best knap in ons huis maar het is lekker rustig.

Ik mis hem niet en dat is niet heel gek want ik heb sinds ze op de markt zijn langer geen dan wel een smartphone gehad.
Ik heb er dubbele gevoelens over. Ja, ze zijn makkelijk en het is leuk om foto’s en berichtjes te sturen naar familie en vrienden. Dat is ook het enige dat ik miste, tot ik op mijn laptop Telegram heb geinstalleerd, een berichtendienst als WhatsApp maar dan zonder grove schendingen van de privacy van de gebruikers. Je kan het zowel op een telefoon als een computer installeren, dus dat is handig.

Het idee van constant Big Brother bij me, ik vond het steeds vervelender. En de afleiding die het geeft van het echte leven, is naar mijn idee ook niet louter positief.

Dus al met al ben ik blij dat hij er niet meer is. Ook al betekent dat dat ik niet snel even het weerbericht kan checken voor we uit wandelen gaan zoals vorige week donderdag.

Het leek redelijk weer, wolkje, zonnetje en weinig wind. Dus ik liep met de kleine dames de deur uit, de man tegemoet. We zouden een half uurtje onderweg zijn, ongeveer. Ik nam (gelukkig, achteraf) wel mijn telefoon mee. Iets dat ik anders ook zelden doe.

Na een kwartiertje begon het te regenen. Harder, nog harder en het leek er niet op dat het snel zou gaan stoppen. We liepen nog enigszins beschut naast de bomen maar toen we bij de kruising kwamen, niet meer. Doorlopen maar, besloten we. Naar huis lopen was net zo lang of langer dan tot we de man zouden tegenkomen en dat was uiteindelijk het doel, ‘naar papa lopen’ is ons ritueel tot de dagen te kort zijn om dat veilig te kunnen doen.

Maar de man kwam maar niet. Dus ik belde en hij bleek in de file te staan. In Kristiansand, dus nog 22 kilometer van huis. Ondertussen waren we alledrie best nat. De derde had sportschoenen aan en de kleinste gaat altijd van huis alsof het hoogzomer is. Mijn sjaal wilden ze echter niet hebben en nagenoeg zonder gezeur liepen ze door.

Als ze zeuren vraag ik gewoon of dat helpt tegen de regen. Nee? Nou, mond dicht dan šŸ˜‰

We waren bijna bij de snelweg en liepen net achter een bosje door toen ik achterom keek en meende de auto van de man voorbij te zien rijden. Ik belde hem en inderdaad, hij was het en keerde om waarna we alledrie in een warme auto konden stappen. Spontaan begon het nog een tandje harder te regenen.

‘Mama, dat was ZO leuk, doen we dat volgende keer weer?’
– Wandelen? Ja, bijna elke dag he!
‘Ja, maar als het zo keihard regent.’

Ik had geen zin meer om moeilijk te koken dus we kochten hamburgers en afbakbroodjes en slagroom voor op de chocolademelk. Dat, en droge kleren bij thuiskomt, maakte het geluk compleet.

Het stomme is, als ik op een regen-app had gezien dat er een monsterlijke regenwolk op weg was naar boven ons hoofd, hadden we thuis gebleven.

Dan hadden we deze wandeling niet gemaakt. Dan hadden de kinderen niet de herinnering aan een verzopen wandeling en het heerlijke gevoel van droge kleren, houtkachel en warme chocomel daarna.

De afgelopen tijd hebben ze het er meerdere keren over gehad, hoe leuk de verzopen wandeling was. En dat ben ik helemaal met ze eens. We moeten ons niet op alles voorbereiden, niet binnen blijven als we een bui verwachten en niet onze dag plannen aan de hand van apps maar gewoon het leven leven, als waren het de jaren negentig.